Koloniale sporen in mijn buurt
‘Naar hier komen, zou het beste zijn dat er is’
Chaira, Kabir, Maya ontmoeten Irving Gill
John Geelof heeft allemaal spullen klaarliggen uit de oorlog, als Mia, Sophia, Mees en Imani van de Twiskeschool in Amsterdam-Noord, bij hem thuis op bezoek komen. Meneer Geelof was 5 jaar oud toen de oorlog begon en woonde op het Plejadenplein in Tuindorp Oostzaan. Het uur is zo voorbij na de verhalen over zijn vader en zijn eigen herinneringen aan de oorlog.
Bent u wel eens echt bang geweest in de oorlog?
‘Nee ik ben niet echt bang geweest, het overkomt je allemaal. Toen de oorlog begon, zijn ze de scheepswerven gaan bombarderen. En die bommen die kwamen ook wel op Tuindorp terecht. Ik weet nog goed dat er vijf mensen met een matras voor de deur stonden. Hun huis was in elkaar gestort, en de Duitsers hadden gezegd dat ze bij ons konden komen slapen. We hadden plotseling 5 matrassen in huis met mensen die erop gingen liggen. Ik had nog nooit een bombardement meegemaakt, dus had geen idee. Later begreep ik pas dat er met bommen gebouwen instortten.
Tijdens het derde bombardement op de Fokkerfabriek, hebben ze ook de scheepswerf en Ketje geraakt. Ik was op dat moment bij de kapper. Deze man zat bij de veiligheidsdienst als er luchtalarm was. Dan zette hij een ijzeren helm op en een gasmasker en ging bij de deur kijken of er gevaar was. Alle kinderen moesten onder de trap gaan zitten, want daar was het veiliger. Omdat ik een lange jongen was, moest bij de mannen op de bank blijven zitten en ik zag dat allemaal gebeuren door de deur. Toen werd ik toch wel een beetje bang.’
Wat deed u toen de oorlog voorbij was?
‘Wij hoopten dat de oorlog voorbij was, maar dit was tot het laatste moment onzeker. We wisten niet hoe dit ging en hoe dit bekend werd gemaakt. Er waren in die tijd alleen maar kranten die schreven wat de Duitsers wilden. Toen werden van het verzet krantjes rondgestuurd. Op vier mei waren op de Meteorenweg een paar mensen die de vlag uitstaken en die gingen juichend door de straat en zeiden dat we bevrijd waren. Maar even later werden die vlaggen binnengehaald, want er werd gedreigd door de Duitsers dat ze gingen schieten op alle huizen waar een vlag hing. Op 5 mei de volgende dag, ontdekten we dat we echt vrij waren omdat de Duitsers zich hadden overgegeven. Er was op dat moment een gebrek aan alles, mijn schoenen waren op, ik had houten schoenen. Kleren waren ook niet meer te krijgen in de winkels. Ik weet nog goed dat er ik voor het eerst een stuk chocola kreeg, dit was zo lekker!’
Heeft u iemand gekend in de oorlog die is overleden?
‘Mijn oom Henk is overleden in de oorlog. Hij woonde in Oosterbeek en in 1944 wilden er Duitse soldaten weten waar het hoofdkwartier van de Engelse troepen was. Mijn oom is toen gedwongen om de weg te wijzen. Maar dit wilde hij niet en heeft ze de verkeerde kant op gestuurd. Toen de Duitsers dit door hadden dat ze de verkeerde kant op waren gestuurd, is hij dood geschoten. Onder een spoorlijn hebben ze zijn lijk geschoven. Hij is in Loenen begraven op een erebegraafplaats. Hij was 28 jaar toen hij overleed.’
Zat uw vader ook in het verzet?
‘Mijn vader heeft ook in het verzet gezeten. Op een gegeven moment werd hij op school gevangengenomen. Er kwam een Duitse auto langs, met de Sicherheitsdienst, en ze hebben hem toen uit de klas gehaald en hem meegenomen naar het hoofdkwartier in Amsterdam Zuid, in de Euterpestraat. Daar is hij dagenlang verhoord. Hij wist niet waarom hij vastzat, maar dat hij misschien wel verraden was. Die verhoren gingen dag en nacht door. Dat ging heel gewelddadig. Ze hebben met een pistool in zijn been geschoten, één van zijn vingers was kapotgeslagen. Toen brak er paniek uit en de officier die hem verhoorde riep: ‘Draus, Draus’, en toen moest hij op de gang gaan staan. Daar rende iedereen door elkaar heen, er was grote paniek. Mijn vader keek rond en zag toen dat de buitendeur openstond! Hij is rustig naar die deur gelopen, naar buiten in het donker tot de hoek van de straat en is toen gaan rennen en weg was hij.’

Heb je een vraag aan ons? Wilt u meedoen als verteller, als basisschool, of een bijdrage leveren door een interview te begeleiden? Neem contact op, we helpen graag verder.