Oorlog in mijn Buurt
‘Van mijn verjaardagsgeld kocht ik een half brood’
Aron, Enes, Isra, Mo ontmoeten Stien de Koning
Berfin, Natan en Melis van ’t Karregat in Eindhoven mogen op bezoek komen bij Dré Rennenberg, in zijn kantoor boven de Albert Heijn. De kinderen willen liever niet met de lift en lopen via de vele trappen helemaal naar boven. Daar worden ze vriendelijk ontvangen door meneer Rennenberg. Hij zit al klaar en een collega haalt een glaasje ranja voor de kinderen.
Meneer Rennenberg was 2 jaar oud toen de oorlog begon en woonde in de Leostraat, waar nu de rondweg van Eindhoven ligt. Hij heeft in de oorlog veel meegemaakt en veel verhalen te vertellen. Daar heeft hij later zelfs een boek over geschreven.
Kent u mensen in het verzet?
‘Mijn vader en opa zaten in het verzet, opa woonde in de Heistraat. Zij luisterden elke avond stiekem naar Radio Oranje, terwijl dat in de oorlog verboden was. Op een dag is opa verraden. De Duitsers hadden een auto die radiosignalen kon opsporen.
De Duitsers namen mijn opa mee en brachten hem naar kamp Vught. Daar kreeg hij een zware longontsteking. Later werd hij naar het ziekenhuis gebracht, het was te laat, hij is overleden. Wij denken dat een van de buren hem heeft verraden, maar dat kunnen we niet bewijzen.
Nadat opa was gestorven, gingen we bij oma wonen. Ik moest nieuwe vriendjes zoeken en soms sliep ik bij de buren in een heel klein bedje omdat oma’s huis te klein was. Dat vond ik niet leuk.’
Merkte u iets van het verzet?
‘Mijn vader zat lange tijd bij de ondergrondse, het verzet tegen de Duitsers. Mensen kwamen stiekem bij elkaar om plannen te maken. Als bijvoorbeeld iemand was meegenomen door de Duitsers, bedachten ze manieren om die persoon weer vrij te krijgen of te helpen ontsnappen. In onze keuken zaten dan vier of vijf mensen samen om zich voor te bereiden. Ze bespraken waar de Duitsers waren en wat ze moesten doen als de bevrijding zou komen. De Duitsers hadden dat gelukkig niet in de gaten.
Ik had ook een oom die heel goed was in talen. De Duitsers hadden hem gevangengenomen om te vertalen voor hen. Maar hij wist te ontsnappen. Via via heeft het verzet hem terug naar Nederland geholpen. Daarna dook hij bij ons thuis onder. Op zolder zat hij verstopt achter een schot in de muur. Je kon helemaal niet zien dat daar iemand zat. Hij heeft het gered en is later voor de processen van Neurenberg gaan vertalen. Daar werden mensen berecht die zware misdaden voor en tijdens de Tweede Wereldoorlog hadden begaan.’
Wat gebeurde er vlak na de oorlog?
‘Na de oorlog kregen we Engelse soldaten in huis. Een van hen heette Julian Whitman, ik kan hem nog altijd goed herinneren. Julian was verpleegkundige, ongeveer 25 of 30 jaar oud, net getrouwd en kwam uit Londen.
In de winter van 1944 had ik het erg koud. Ik stopte mijn voeten in de stoof om warm te worden, maar toen stootte ik hard mijn knie tegen de kachel. Dat deed veel pijn. Julian smeerde er een zalfje op dat heel lekker rook. Mijn knie genas daarna snel.
Mijn moeder breidde later een truitje voor het kindje van Julian. We hadden zijn adres nog. Maar waarschijnlijk is hij tijdens de Slag om Arnhem omgekomen.
Ik denk er vaak over om een brief naar zijn familie te sturen, om te vragen of er nog nabestaanden zijn en ze te vertellen wat hij voor me betekend heeft.’
Heb je een vraag aan ons? Wilt u meedoen als verteller, als basisschool, of een bijdrage leveren door een interview te begeleiden? Neem contact op, we helpen graag verder.