Koloniale sporen in mijn buurt
‘We gingen naar Stafdorp om sinaasappels te stelen’
Ashantiwa, Damiël, Ismael, Kenlisha, Revinio ontmoeten Tresna Pinas
Gianna, Sjomar, Jusitin, Levi-Jay en Manuella van de Ritfeldschool in Paramaribo interviewen Lucia Graanoogst (1940). Mevrouw Graanoogst komt naar hun school, samen met andere ouderen van het bejaardentehuis waar ze woont. Het interview vindt plaats in een leeg klaslokaal op school.
Hoe was het bij jullie thuis?
‘We waren met zes kinderen en ik was de oudste. We woonden in een groot houten huis. Toen ik elf was overleden twee broertjes van me. Eén was 9 jaar, hij had bloedkanker. Een maand later overleed mijn andere broertje van 5 jaar door een auto-ongeluk. Mijn ouders hebben daar heel veel verdriet van gehad. Anderhalf jaar na hun overlijden kwam er een nieuw broertje en daarna nog een broertje en nog een zusje.
Mijn vader was streng, hij was militair, mijn moeder was heel erg lief, ze verzachte altijd. Twee weken voor mijn tiende verjaardag mocht ik van mijn vader een lot trekken. De dag dat de nummers getrokken waren, keek in de krant en ik zei: ‘Pappa, het is hetzelfde nummer!’. Hij zei ‘Meisje, jok niet!’. En inderdaad, ik had gelijk: ik had de tweede prijs gewonnen. Het was 750 gulden, dat was veel geld in die tijd. Toen heeft mijn vader van dat geld een piano gekocht en moest ik verplicht op pianoles. Ik heb vaak tikken op mijn vingers gehad, maar niemand mocht aan de piano komen, want het was mijn piano.’
Waar komt uw naam vandaan?
‘Mijn overgrootoma was een keukenslavin. Haar slavenhouder heette ‘Ouderogge’ en rogge is een graansoort. De slaven hadden eerst nog geen achternamen, maar later heeft mijn overgrootoma, de keukenslavin, de naam gekregen van Graanoogst. Het is een geweldige naam! Zonder die naam eet je geen brood, zeg ik altijd.
Die overgrootoma heb ik niet gekend, maar haar dochter was mijn grootvaders moeder, die heb ik nog even gekend, ik was 5 jaar oud toen zij stierf. Maar over de slavernij werd niet gesproken, dus ik weet er niet veel van.’
Wat voor beroep had u?
‘Ik ben naar Nederland gegaan om te studeren, en toen ik terugkwam werd ik lerares op de kweekschool. Op een dag hadden we een roostervergadering. Toen ik weer thuis was gaf mijn moeder me een papiertje met een telefoonnummer erop. Ze zei: ‘Je moet dit nummer bellen’. Ik belde, en wat kreeg ik te horen? ‘Mevrouw Graanoogst, u bent vanaf vandaag inspecteur van onderwijs’. Ik kon niet eens afscheid nemen van de school waar ik les gaf, want ik moest op het kantoor van de inspecteur zijn.
Voor mijn beroep moest ik veel scholen bezoeken, soms helemaal in Saramacca. Eén keer had ik iets heel moois meegemaakt. Daar waar nu Staatsolie is, was een weggetje. Ik reed die straat in om naar een school te gaan en ineens zag ik een grote aap midden op de weg. Ik remde en maakte de deur open om te kijken. Toen kwam er ineens een hele rij van wel dertig aapjes langs lopen. Die aapjes sprongen de Saramaccarivier in, zo gingen ze het bos in. Het is het mooiste wat ik ooit heb meegemaakt. Maar vanaf die dag mocht ik als vrouw niet meer alleen rijden.’
Heeft u wel eens discriminatie meegemaakt?
‘Toen ik 24 jaar oud was, ging ik naar Nederland om te studeren. Daar ben ik nooit gediscrimineerd. In mijn kindertijd in Suriname was er altijd wel een beetje een gevecht tussen Hindoestaanse en Creoolse kinderen…. maar ik kan niet zeggen dat ik het als ernstig heb ervaren. Ze noemden mij ‘Boeroe’, maar dat vond ik niet erg.’
Wat heeft u meegemaakt van de Binnenlandse Oorlog?
‘Oh, kind dat vond ik wel iets ergs hoor, vooral van wat er in Moiwana was gebeurd. Ze waren Moiwana binnengevallen omdat ze meneer Brunswijk zochten, want hij was de leider van de binnenlandse strijders. Omdat ze hem niet vonden hebben ze zelfs op kinderen en zwangere vrouwen geschoten. Veel mensen zijn daar overleden, ik krijg nog kippenvel als ik erover praat. Dat was iets heel ergs. Ik was heel erg blij toen dat allemaal afgelopen was.’
Heb je een vraag aan ons? Wilt u meedoen als verteller, als basisschool, of een bijdrage leveren door een interview te begeleiden? Neem contact op, we helpen graag verder.