Oorlog in mijn Buurt
‘Daar stond ik dan met zweren op mijn benen en zonder eten’
Inass, Kate, Rayane, Teije ontmoeten Francisca Thomassen
Anne-Fleur, Aras en Raffa zijn op bezoek bij Linda van der Heijden-Van Gurchom in Eindhoven. Ze vertelt de leerlingen van de Talisman, onder het genot van sponscake en spekkoek, het verhaal van haar Molukse en Indische ouders en grootouders. Ze beschrijft hoe het leven voor hen was in Nederlands-Indië tijdens de oorlog en hoe het daarna was om in Nederland te moeten wennen aan een heel andere cultuur. Ook vertelt ze over haar eigen jeugd.
Mevrouw Van der Heijden-Van Gurchom is geboren in 1956 in Eindhoven. Ze heeft tot haar vierde bij haar Molukse grootouders in Tiel gewoond, omdat haar ouders toen niet voor haar konden zorgen. Haar moeder is geboren in 1932 in Batavia (nu Jakarta), wat ligt op het eiland Java in Indonesië. Haar vader is ook geboren in Batavia, een jaar eerder in 1931. Ze waren kinderen van KNIL-militairen, het Koninklijk Nederlands-Indisch Leger.
Haar grootouders van moeders kant komen van het Molukse eiland Ambon. Haar grootouders van vaders kant zijn Indisch (opa) en Moluks (oma). De overgrootvader van Linda (geboren in 1872) was een Nederlander uit Tilburg, die naar Nederlands-Indië emigreerde rond 1900 om daar het avontuur op te zoeken. Hij werkte onder meer voor het KNIL en als gevangenisbewaarder. Hij overleed op jonge leeftijd in 1921.
Hoe was het bij uw opa en oma in Tiel?
‘Mijn grootouders waren heel lief, ik werd op handen gedragen. Ze vonden het heel leuk dat er zo’n klein meisje in huis woonde. Ook later toen ik alweer in Eindhoven woonde, werd ik altijd extra verwend: als mijn broertjes en zusjes één gulden kregen, kreeg ik er twee!
Toen ik vier jaar werd, moest ik terug naar mijn ouders, zodat ik naar school kon en Nederlands leren. Dat voelde voor mij alsof ik mijn ‘ouders’ moest verlaten, want zo zag ik mijn opa en oma. Ik sprak alleen Maleis, geen Nederlands. Ik weet nog dat ik onder de eettafel verstopt zat, heel verlegen, en dat mijn moeder Nederlands tegen me praatte en ik er niks van begreep.
Die tijd heeft me sterker gemaakt. In het begin was het moeilijk, maar later heb ik een heel goede band opgebouwd met mijn moeder, vooral door muziek. Muziek verbond ons. Zelfs toen mijn moeder in het verzorgingstehuis zat, ging ik nog iedere week bij haar op bezoek en dan zongen we liedjes. Het zit in onze genen, muziek maken. Mijn vader speelde gitaar en mijn moeder zong.’
Hoe was het voor uw Indische opa om aan de Birma-spoorlijn te werken?
‘Mijn Indische opa moest als krijgsgevangene werken aan de Birma-spoorlijn in Thailand. Dat was extreem zwaar werk onder de hete zon, zonder machines. Als je even stopte, werd je geslagen. Veel mensen stierven; er wordt gezegd dat elke spoorbiels een mensenleven kostte.
Mijn opa overleefde het, maar kwam na twee jaar sterk verzwakt terug. In de tussentijd dacht zijn familie dat hij overleden was en had mijn oma een andere man die haar beschermde. Dat was nodig, omdat vrouwen anders gevaar liepen en door Japanse soldaten konden worden misbruikt. Later kreeg mijn opa een nieuwe vrouw met wie hij nog eens zes kinderen kreeg. Ik heb dus een hele grote familie.’
Waarom waren de Molukkers boos op de Nederlandse regering?
‘Molukse soldaten werden bij aankomst in Nederland ontslagen, terwijl ze jarenlang voor Nederland hadden gevochten. Dit voelde voor hen als verraad. Ook beloofde Nederland dat ze terug konden naar de Molukken en dat de Molukken zelfstandig konden worden, maar die belofte werd niet nagekomen. Ze zouden voor de rest van hun leven in Nederland blijven.
Hun toekomst was uitzichtloos. Ze mochten een lange tijd niet werken en leefden in armoede en in slechte omstandigheden in oude kampbarakken. Sommige Molukse jongeren gingen drugs gebruiken, om de ellende maar niet te hoeven voelen. Nederland zweeg erover en heeft nooit excuses aangeboden voor de slechte behandeling. Vooral dat maakte Molukse mensen zo boos.
Er kwamen protesten. Enkelen hebben zelfs treinen en een school gekaapt om aandacht te vragen voor hun zaak. Er ontstond discriminatie. Op basis van zijn uiterlijk werd mijn broer, jouw opa, meerdere keren gecontroleerd door de politie. Hij was toen 17 jaar en moest met de trein naar school in Helmond. Hij werd publiekelijk gefouilleerd. Zijn schooltas werd overhoop gehaald en hij werd hardhandig tegen de trein gezet. Dat was heel eng en intimiderend voor hem. Dat zou in deze tijd niet zomaar meer kunnen. En gelukkig maar.’
Hoe was het voor de Molukkers om naar Nederland te gaan?
‘Eenmaal in Nederland hadden ze helemaal niks meer. Geen werk, geen spullen en vaak met een oorlogstrauma. Alleen wat dunne kleren die bedoeld waren voor tropische weer.
Ze kregen geen huis maar moesten in oude, primitieve kampbarakken wonen, waar in de oorlog Joden naartoe werden gestuurd. Het was daar koud en kil en ook een beetje eng. Ik heb daar ook nog even gewoond. Ik kan me nog herinneren dat er lange keukens waren; aan de ene kant waste mijn oma mij in de gootsteen en aan de andere kant werd het eten gekookt.
Ook vond de Nederlandse bevolking ons maar vreemd. We droegen andere kleren en hadden een andere huidskleur. Ik weet nog dat ik met mijn oma naar de drogist ging en dat zij een sarong droeg (een Indonesische rok). Mensen stootten elkaar aan en wezen naar mijn oma en zeiden: ‘wat heeft jouw oma rare kleren aan’.’
Bent u verdrietig over de geschiedenis van uw familie?
‘Ja, best wel. In mijn jeugd werd er weinig gesproken over het verleden. Mijn ouders wilden ons beschermen en waren vooral blij dat er geen oorlog meer was. Als we ernaar vroegen, bleven ze stil.
Door hun trauma’s konden ze hun emoties soms niet goed verwerken. Daardoor kwam het voor dat ze streng waren en soms lijfstraffen gaven. Dat was in die tijd binnen Indische en Molukse gezinnen niet ongewoon. Het verdriet en de pijn uit de oorlog werden dus vaak doorgegeven aan de volgende generatie. Gelukkig zie ik dat dit bij mijn generatie is gestopt.’
Heb je een vraag aan ons? Wilt u meedoen als verteller, als basisschool, of een bijdrage leveren door een interview te begeleiden? Neem contact op, we helpen graag verder.