Erfgoeddrager: Chayenne

Er werd in het Duits geschreeuwd: ’Lichter aus, lichter aus’

Wij (Desiree, Olivia, Chayenne en Yasmine van het Zaanlands Lyceum) gaan op bezoek bij Erik Smit (1938) in ’t Kalf, een wijk in het noorden van Zaandam. Ook vroeger, toen het oorlog was, woonde hij in ‘t Kalf. Hij vertelt ons over zijn herinneringen uit die tijd.

Hoe merkten de ‘’normale’’ burgers dat de oorlog was begonnen?
‘Ik was twee jaar toen de oorlog begon, maar ik nam het pas waar toen ik vier jaar was. Ik woonde met mijn ouders en een oudere broer in ’t Kalf, een rustig wijkje in Zaandam. Ik vond de oorlog zelf in het begin niet zo erg, ik had het namelijk niet zo moeilijk, daarom merkte ik ook wat later pas wat er allemaal was gebeurd. Er was een boerderij dichtbij mijn huis, en daar konden wij soms eten halen. Mensen boven Amsterdam, zoals wij, hadden het wat makkelijker doordat er meer boerderijen in de omgeving waren. Samen met onze buren zagen we Duitse vliegtuigen overvliegen. Ook liepen er soldaten in de straat. Maar voor de rest was het in ’t Kalf best rustig vergeleken met bijvoorbeeld de situatie in Asterdam.’

Was u weleens in gevaar?
‘Ik was niet echt in gevaar en ik heb ook niet echt veel honger geleden. Maar het was wel een spannende tijd. Er waren regelmatig Duitsers in de buurt. Op een keer scheen er licht naar buiten vanaf onze woonkamer. Er werd op de deur geklopt en heel hard in het Duits geschreeuwd: ’Lichten aus, lichten aus’. Voor mijn vader was het wel gevaarlijk: hij zat ondergedoken, anders moest hij afgevoerd worden om te werken in Duitsland. Ook vielen er een keer een paar bommen in de buurt. Toen gingen we met z’n allen in de wc schuilen omdat die ruimte het sterkste punt van het huis was. Gelukkig waren we niet gewond geraakt.’

 Kende u Joden en/of bent u zelf Joods?
‘Ik ben zelf niet Joods, maar ik weet dat er wel meerdere mensen in de buurt moesten onderduiken. In die tijd werd er ook niet thuis over gepraat uit angst dat het werd doorverteld en dat de Joden dan werden ontdekt. Ik vind het niet kunnen hoe er tegen de Joden werd gedaan. Mensen onteren, je begrijpt niet hoe dat ontstaat, zelfs beesten doen dat soort dingen niet. Ik heb daar geen woorden voor. Ik weet niet of mijn ouders iets voor het verzet deden, want er werd niet over gesproken. Wat je niet weet, kun je ook niet beantwoorden. Daarmee bedoel ik dat ik dus niets kon vertellen als de Duitsers vragen zouden stellen.’

Hoe vindt u dat het feest gevierd wordt als Nederland 100 jaar bevrijd is?
Eigenlijk zouden we elke dag moeten vieren dat we vrij zijn en niet in dezelfde leefomstandigheden zitten als toen. Maar bij 100 jaar Bevrijding zou dat een groot feest moeten zijn. Dit jaar wordt ons bevrijdingsfeest in Noord-Holland ook al best groot gevierd, de mensen worden verwelkomd door de Commissaris van de Koning. En de Vrijheid Express bus komt langs om verhalen te vertellen zodat die nooit meer vergeten worden. Het is dus een hele optocht. Toch vind ik dat het in 2045 groter moet/kan. Honderd jaar is een lange tijd. Misschien ben ik er niet meer bij, maar vooral de jongere generatie moet stil staan bij wat er is gebeurd, en niet alleen maar twee minuten. Eigenlijk zou de jongere generatie zelf het jubileum moeten organiseren, opdat ze beseffen wat er is gebeurd en er ook echt bij stil staan. Het is een goed en leuk idee, alleen hebben we een manier nodig om de kinderen van tegenwoordig over te kunnen halen.’

 

 

 

 

 

 

 

Social Media


Meer zien van onze programma's en op de hoogte blijven van het laatste nieuws?
Volg ons op social media:

Contact


Heb je een vraag aan ons? Wilt u meedoen als verteller, als basisschool, of een bijdrage leveren door een interview te begeleiden? Neem contact op, we helpen graag verder.

+31 6 816 834 18

NL41 TRIO 0254 753892