Erfgoeddrager: Gayatri

‘We zaten op onze eigen meubels, maar ze waren niet meer van ons’

Wij interviewden meneer Waterman, die vlak na de oorlog op onze school zat. Hij vertelde dat er na de oorlog nog steeds veel antisemitisme was en dat ze hem niet meer uitscholden voor “Rotjood”, maar “RotJoop”. Want hij werd Jopie genoemd. Hij ging op boksen en sloeg van zich af. Hij wilde zijn verhaal graag met ons delen om er van te leren. Hij zei: “Jongens, scheldt elkaar niet uit, heb respect voor elkaar.”

Waar woonde uw familie?
‘Mijn familie heeft bij het Waterlooplein gewoond. Mijn ouders woonden op de Lange Houtstraat. Mijn moeder was japonnenknipster, zij knipte de modellen van de jurken, zoals die later in elkaar werden genaaid. Mijn vader werkte bij zijn zuster vlakbij het Waterlooplein in haar kapperszaak, tot ze werden weggehaald. Mijn moeder was toen zwanger van mij. Ze zijn naar kamp Westerbork afgevoerd en daar werd ik een paar maanden later geboren.’

Weet u ook wat uw familie heeft meegemaakt tijdens de oorlog?
‘Wij hadden het geluk, als je van geluk mag spreken, dat mijn vader in Londen was geboren. Mensen met een andere nationaliteit, konden de Duitsers eventueel gebruiken als uitwisselingsobject, als een soort krijgsgevangenen. Wij kwamen in Bergen-Belsen terecht.
Als mijn vader niet in Engeland was geboren, was ik ook in een vernietigingskamp vermoord. Dat idee hou je je leven lang bij je.’

Hoe was de hongerwinter?
‘Die hebben we niet hier meegemaakt. Maar je kunt van mij aannemen dat in het concentratiekamp ook grote honger was. Een keer heeft mijn vader onder een trein van de Duitsers, waar voedsel in zat, met een scherp voorwerp de vloer een stukje open kunnen maken en aardappelen gejat. We hebben gras gegeten, we hebben soep gemaakt van brandnetels. Je kreeg een stukje brood, maar daar moest je wel twee dagen mee doen. Het was te weinig om van te leven en te veel om dood van te gaan.’

Hoe was de bevrijding voor u?
‘Wij zijn niet in Bergen-Belsen bevrijd. We zaten in het laatste transport, dat heet het Verloren Transport. Die trein reed dwars door Duitsland. Omdat iedereen wist dat de oorlog op zijn eindje liep wilden ze niets meer met die gevangenen. De trein stopte bij het plaatsje Tröbitz, in Oost-Duitsland, omdat de Duitsers er met de locomotief vandoor waren gegaan. Op een gegeven ogenblik hoorden we geen Duits meer, maar Russisch. Toen wisten we dat de oorlog was afgelopen. Maar er kwamen ook nog vliegtuigen van de geallieerden, die dachten dat het een trein was van de Duitsers. Dus die gingen ons bombarderen en beschieten. Mijn moeder vertelde dat ze ons uit die trein hebben gesleurd, het veld ingelopen zijn, in de greppel zijn gedoken, bovenop de kinderen, om te proberen die rondvliegende kogels tegen te houden. Dat is het moment geweest van de bevrijding. Dus geen bevrijdingsfeest. We zijn eigenlijk ook nooit echt bevrijd. We mochten een paar weken in dat plaatsje Tröbitz blijven. Mijn vader vertelde dat de Russen die Duitsers uit hun huisjes hebben geknuppeld en daarin mochten de oud-concentratiekampgevangenen wonen. Uiteindelijk zijn we gerepatrieerd naar Nederland.

Toen wij terugkwamen uit het kamp, werden we afgezet op het Centraal Station. We hadden niks. Alleen de kleding die we aanhadden. Geen geld, geen eten, helemaal niks. We werden afgezet en verder mochten we het uitzoeken. Mijn vader en moeder dachten: “Kom, we gaan kijken of we nog in ons huis terecht kunnen”. Wij  mochten boven komen. We mochten zitten, kregen een kopje thee uit het servies van mijn moeder en toen moesten we weer weg. Want niks was meer van ons. Mijn ouders kwamen op hun eigen woning, in hun eigen spulletjes, stoelen, banken, alles was van mijn moeder, maar ze hadden geen rechten, want die mensen hadden alles overgenomen’.

Social Media


Meer zien van onze programma's en op de hoogte blijven van het laatste nieuws?
Volg ons op social media:

Contact


Heb je een vraag aan ons? Wilt u meedoen als verteller, als basisschool, of een bijdrage leveren door een interview te begeleiden? Neem contact op, we helpen graag verder.

+31 6 816 834 18

NL41 TRIO 0254 753892